Het Kelderluik arrest

HR 5 november 1965, NJ 1966, 136. Kelderluik

Sjouwerman, werknemer van de Coca Cola Company, zet in een café een kelderluik open teneinde via het trapgat kratten cola in de kelder te brengen. Hij barricadeert het gat van de kelder onvoldoende zichtbaar, waardoor een gevaarlijke situatie ontstaat. Op weg naar het achter het openstaande luik gelegen toilet valt een – overigens zelf ook niet erg voorzichtige – cafébezoeker, Duchateau geheten, in het keldergat. Hij loopt daardoor letsel op.
De Hoge Raad overwoog:
‘(…) dat alleen in het licht van de omstandigheden van het gegeven geval kan worden beoordeeld of en in hoever iemand die een situatie in het leven roept welke voor anderen bij niet-inachtneming van de vereiste oplettendheid en voorzichtheid gevaarlijk is, de eis kan worden gesteld, dat hij rekening houdt met de mogelijkheid dat die oplettendheid niet zullen worden betracht en met het oog daarop bepaalde veiligheidsmaatregelen neemt;
dat daarbij dient te worden gelet niet alleen op de mate van waarschijnlijkheid waarmee de niet-inachtneming van de vereiste oplettendheid en voorzichtigheid kan worden verwacht, maar ook op de hoegrootheid van de kans dat daaruit ongevallen ontstaan, op de ernst die de gevolgen daarvan kunnen hebben, en op de mate van bezwaarlijkheid van te nemen veiligheidsmaatregelen;
dat in de hier gegeven situtatie, waarin Sjouwerman, door in de doorgang naar het toilet een kelderluik te openen, voor bezoekers die aan hun omgeving niet hun volledige aandacht zouden besteden, een ernstig gevaar had geschapen, hetwelk hij, naar het Hof overwoog, met eenvoudige middelen had kunnen voorkomen, het Hof door Sjouwerman te verwijten dat hij met de mogelijkheid van zodanige onoplettendheid geen rekening heeft gehouden en heeft nagelaten met het oog daarop maatregelen, als door het Hof aangegeven, te treffen, de maatstaven die voor de beoordeling van de schuld van Sjouwerman aan het Duchateau overkomen ongeval moeten worden aangelegd, niet heeft miskend.’

Nieuwe artikelen

03/26/2010

Medeplichtigheid

Medeplichtigheid is één van de deelnemingsvormen uit het Wetboek van Strafrecht. Artikel 48 Sr is onder te verdelen in twee soorten medeplichtigheid.

Lees verder

11/02/2009

Privacyrecht versus Portretrecht

Het recht van de vrijheid van meningsuiting beschermt niet alleen meningen, maar elke uiting, ongeacht de inhoud daarvan. Ook commerciële en kunstzinnige uitingen vallen onder de uitingsvrijheid. De vrijheid van meningsuiting is er niet alleen voor uitingen die algemeen aanvaard zijn, maar juist ook voor die uitingen die, volgens het Hof van de Europese Rechten van de Mens “offend, shock or disturb”.

Lees verder

11/02/2009

Personen- en familierecht

Bloedverwantschap is het gevolg van het ontstaan van familierechtelijke betrekkingen tussen personen. Familierechtelijke betrekkingen (waaronder juridisch moeder- en vaderschap) kunnen op vier verschillende manier ontstaan.

Lees verder

< ?php wp_footer(); ?>